Wijn.org

Wijn.org · Gastartikel

Jean-Michel Comme

← Terug naar Schone wijnen

Wijngaard in de regen, bladwerk en bodem
Biodynamie begint bij kijken: bodem, stok en weer. Beeld: archief Wijn.org.

Mijn visie op biodynamie

Biodynamie ontstond in 1924 met de voordrachten van Rudolf Steiner, bekend als de «landbouwcursus». Hij schetste een visie op het levende en stelde een reeks specifieke preparaten voor. Voor velen houdt het daar op. Biodynamie wordt dan gereduceerd tot het toepassen van die preparaten, als recepten die overal en altijd hetzelfde zijn, zonder dit nader te bestuderen. Het begrip «biodynamie» is geen eindpunt. De wortel van het levende zit in de basis van onze westerse joods-christelijke cultuur, dus al duizenden jaren vóór 1924.

Om te beginnen: elke bodem heeft een eigen persoonlijkheid en geeft die door aan de plant die er water en mineralen uit haalt. Een druivenras stuurt het gedrag van de stok, want elk ras heeft ook een eigen persoonlijkheid. En het klimaat of het weer voegt zijn invloed toe. Een wijnstok is dus de synthese, de optelsom van terroir: bodem, druivenras en weer. Die combinatie bepaalt het kwaliteitsniveau van de druif en of er ziekte optreedt.

Driehoek bodem, ras, weer

De kracht van biodynamisch redeneren is dat je de plant als optelsom van de driehoek ziet: bodem, ras en weer. Zo kun je ook haar mogelijke relatie met een ziekte inschatten. Ziekte is dan een antwoord op een uitevenwicht-situatie in de plant, ontstaan uit een bijzondere stand van die drie factoren.

Daarvoor gebruikt men meerdere «gereedschappen»: leessleutels van het levende die universeel zijn en een scherpere diagnose geven van terroir: ras, weer en ziekte.

De vier elementen als kwaliteit

Eén van die sleutels is het principe van de vier elementen dat bij velen bekend is als: Aarde, Water, Lucht en Vuur. Een element moet je vooral als een «kwaliteit» zien.

Aarde staat voor dat wat zwaar is, hard, donker, koud en stilstand. Dat kan een bodem zijn, maar ook een stam of het seizoen winter, waarin dezelfde kenmerken terugkomen. Water hangt samen met de vloeistof water, maar is ook de plek waar leven zich ontwikkelt. Als je naar waterplanten kijkt hebben ze weinig ingesneden bladeren. Stengels hebben geen moeite met het rechtop staan. Te veel Water kan ziektes als meeldauw (mildiou) in de hand werken.

Symptomen van een ziekte zijn altijd specifiek en zeggen iets over de oorzaken. Bij meeldauw gaat het erom een teveel aan Water te compenseren met Vuursymptomen: rood, verbrand. Water en Vuur zijn tegengestelden. Brandweerlieden weten dat. Omgekeerd antwoord oïdium op een teveel aan Vuur, dus warmte. Lees dus de symptomen om te zien welke uitevenwicht-situatie speelt. De rol van de wijnboer is om zo preventief mogelijk een komende onevenwichtige situatie te voorzien en te compenseren met een passend preparaat, een planteninfuus, en zo verder.

Bodem, druivenras, wijn

In de bodemsamenstelling zit een «marker» per element. Voor Aarde is dat kalk. Voor Lucht silica, zand. Waterbodems kunnen klei of humus bevatten. Voor Vuur is het ijzer.

Ook druivenrassen hebben een persoonlijkheid die je via de balans van de vier elementen kunt lezen. Merlot is vooral een Waterras: grote, weinig ingesneden bladeren, moeite met een rechtopstaande habitus, grote trossen vol sap. Cabernet Sauvignon is een Vuurras: rechtopstaande groei, kleine ingesneden bladeren. Zonder uit te weiden: Muscadelle is een Luchtras, Sémillon is Aarde.

Is het klimaat vochtig, de bodem kleiig of humusrijk, en het ras Merlot, dan ligt meeldauw voor de hand.

Dezelfde vier elementen helpen om het evenwicht van wijnen te begrijpen. Aarde is diepte in de wijn. Water is frisheid en drinkbaarheid. Lucht is elegantie en finesse. Vuur is alcohol en aroma’s. Terroir: bodem, druivenras en het weer van het moment sturen altijd het evenwicht van een wijn als resultante. Een kalkbodem geeft vaak wijnen met diepte en structuur in de mond. Dat is bijna een constante op Franse wijnbouwgronden. Een zandbodem geeft elegante, maar korte, vluchtige («évanescents») wijnen. De wijnboer beoordeelt de potentiële kenmerken van zijn perceel en begeleidt het proces om excessen te temperen en zwakke kanten te compenseren. Dat is een persoonlijk pad per perceel, naar de gedroomde wijn die hij voor ogen heeft.

Kijken met alle zintuigen

In elke aanpak telt dat eerst goed moet worden gekeken naar de omgeving. We kennen het woord «helderziend». Steiner stelde voor niet alleen te kijken, maar alle zintuigen open te zetten: geluiden, geuren en kleuren zeggen iets over het levende om ons heen.

Concreet voorbeeld: toen ik bij Château Pontet-Canet dagelijks te voet de rijen langs ging, ongeveer drie uur, wreef ik onderweg met mijn handen langs de bladeren. Je denkt dat het geluid altijd hetzelfde is. Dat is het niet. Is het blad vol water, dus gevoelig voor meeldauw, dan klinkt het contact dof. Is er minder water in het blad, dan klinkt het scherper, strijdender. Bij een scherp geluid was het tijd voor een infuus die het blad minder droog maken en zo de gevoeligheid voor meeldauw verlagen. Zelfs het geluid van een blad zegt dus iets.

Zo zijn in het kort enkele grondslagen van biodynamisch redeneren geschetst. Het is bewust beknopt, hopelijk niet te karikaturaal. Voor meer begrip van het levende bestaan en andere gereedschappen die er dieper op ingaan? Stuur een e-mail aan kantoor@schonewijnen.nl.

Schrijf je ook over wijn, biologisch of schoon? Stuur een gastartikel naar kantoor@schonewijnen.nl