Wijn.org · Verdieping
Wijn.org · Background
← Terug naar TheWijn.org ← Back to TheWijn.org
Nevel en Piemonte
Aan de wijnstokken van de Nebbiolo kan men zeer kleine bladeren onderscheiden die vijf- tot zevenlobbig zijn. De druiven zijn klein, geven weinig kleur af en groeien in lange trossen. Zij zijn erg afhankelijk van het juiste klimaat en een optimale bodemgesteldheid. De naam stamt van het Italiaanse woord nebbia en betekent nevel. Deze druif vormt de basis van de twee beste Noord-Italiaanse rode wijnen, de Barolo en de Barbaresco. De Nebbiolo is een smaakvolle, compacte, laatrijpende druif. Hij is rijk aan tannine en geschikt voor langere rijping op hout. De kleur verandert snel van rood naar roodoranje, wat voor veel Italiaanse wijnen kenmerkend is. Er is een groeiende belangstelling voor de meer toegankelijke Nebbiolowijnen uit Piemonte, die korter op oud hout rijpen zonder aan kwaliteit in te boeten.
Fog and Piedmont
On Nebbiolo vines one can distinguish very small leaves that are five- to seven-lobed. The grapes are small, give little colour and grow in long bunches. They depend strongly on the right climate and an optimal soil. The name comes from the Italian word nebbia and means fog. This grape is the base of the two best northern Italian red wines, Barolo and Barbaresco. Nebbiolo is a flavourful, compact, late-ripening grape. It is rich in tannin and suited to longer ageing in wood. Colour changes quickly from red to red-orange, which is typical of many Italian wines. There is growing interest in the more accessible Nebbiolo wines from Piedmont, which age shorter on old wood without losing quality.